SDS Lokaal

Bezig met laden van kaart...

Bezig met laden

Nieuwsbrief

* Emailadres

* Relatienummer

* Postcode

* Huisnr

Lijst
SDS info (voor donateurs)SDS persberichten

Fotoalbum

Beeldvorming Downsyndroom onnodig negatief!

Op 20 juni promoveerde Helma van Gameren aan de Rijksuniversiteit Leiden op een onderzoek naar jongeren met Downsyndroom. De SDS hecht grote waarde aan onderzoek, maar heeft grote bedenkingen bij de wijze waarop de onderzoeksbevindingen de wereld in worden gebracht. Het persbericht van het LUMC gisteren en TNO vandaag rept over een te positief beeld over mensen met Downsyndroom. Maar, Van Gameren deed onderzoek naar de vaardigheden van jongeren met Downsyndroom, niet naar beeldvorming.

Is het glas half leeg of half vol? In het persbericht lijkt te worden gekozen voor het eerste. Er wordt benadrukt dat mensen met Downsyndroom aanzienlijke beperkingen kunnen hebben en dat we moeten oppassen voor een te positief beeld. Vanuit de SDS willen wij uitdrukkelijk waarschuwen voor een te negatief beeld. Te lage verwachtingen,  beelden dat het kind iets toch wel niet zal leren, worden zelden bijgesteld. Deze  hebben de neiging zichzelf waar te maken. Immers, als je gelooft dat een kind iets niet kan leren, waarom zou je dan proberen het die vaardigheid aan te leren?
De SDS erkent dat mensen met Downsyndroom een kwetsbare groep vormen. Zij kunnen meedoen in de samenleving als zij voldoende ondersteund worden. Daarbij zijn er grote verschillen in de mate van ondersteuning die noodzakelijk is. Het onderzoek van Van Gameren bevestigt deze diversiteit.
Bij veel mensen met Downsyndroom kan een hogere mate van zelfstandigheid worden bereikt. Kinderen en volwassenen met Downsyndroom worden nog regelmatig onvoldoende gestimuleerd in hun ontwikkeling. Zo blijkt uit een grote enquête (www.downsyndroom.nl/enq) dat de meerderheid van de ouders van jonge kinderen met Downsyndroom geen professionele begeleiding bij vroegtijdige ontwikkelingsstimulering krijgt. Ook jongvolwassenen met Downsyndroom kunnen nog zelfstandiger leren functioneren. Het onderzoek van Van Gameren betreft jongeren van achtien jaar. Daar ligt niet het eindpunt van hun ontwikkeling. Uit de hierboven genoemde grote enquête komt naar voren dat juist op het gebied van zelfredzaamheid jongvolwassenen nog vooruit gaan. Continue interventie is dan geboden. Ontwikkelen en leren is niet leeftijd gebonden en gaan altijd door, juist ook voor mensen met Downsyndroom.
De promotie van Van Gameren heeft veel beschrijvende informatie opgeleverd. Tegelijkertijd vinden wij ook dat de onderzoeker kansen voor het beantwoorden van onderzoeksvragen heeft laten liggen. Zo heeft TNO niet gekeken naar de effecten van het volgen van regulier onderwijs. Dat was wel mogelijk binnen de onderzoeksopzet. In brochures bij het onderzoek stelt TNO zelfs dat er geen bewijs is dat het volgen van regulier onderwijs een gunstig effect heeft op de ontwikkeling van kinderen met Downsyndroom. Dat is onjuist. Een systematische review van de internationale wetenschappelijke literatuur (te vinden opwww.downsyndroom.nl/reviewinclusive) laat zien dat kinderen met Downsyndroom meer leren op het gebied van lezen, rekenen, schrijven en spraak als zij naar een gewone school gaan, ook als in aanleg even slimme kinderen met elkaar worden vergeleken.
Op 19 juni heeft de SDS in samenwerking met het Downsyndroom Centrum Nederland, locatie West-Nederland, een groot wetenschappelijk symposiumgeorganiseerd. De sprekers op dit congres gingen in op de beperkingen van mensen met Downsyndroom, maar daarbij lieten zij ook juist heel veel mogelijkheden zien om kinderen en volwassenen met Downsyndroom te ondersteunen op weg naar een zo goed mogelijke ontwikkeling en een zo hoog mogelijke kwaliteit van leven.

Reacties plaatsen niet mogelijk