SDS Lokaal

Bezig met laden van kaart...

Bezig met laden

Nieuwsbrief

* Emailadres

* Relatienummer

* Postcode

* Huisnr

Lijst
 SDS info (voor donateurs) SDS persberichten

Fotoalbum

Begeleiden van contacten met andere kinderen
Enige voorlichting aan klasgenoten (en aan ouders van klasgenoten) over wat Downsyndroom inhoudt en waarmee zij rekening kunnen houden in de omgang met het kind is aan te bevelen. Klasgenoten zijn zich meestal toch wel bewust van de “bijzonderheid” van hun klasgenoot met Downsyndroom. Uitleg over Downsyndroom maakt dat zij deze “bijzonderheid” kunnen plaatsen. Het kan ook voorkomen dat de kinderen op grond van fragmentarische informatie zelf tot onjuiste conclusies komen. Zeer geschikt Nederlandstalig voorlichtingsmateriaal over Downsyndroom en over de integratie van deze kinderen in het onderwijs is “Iedereen is anders”, gratis verkrijgbaar bij de SDS. Klik hier voor de bestelprocedure. Uitleg is niet per se eenmalig en het zou geen eenrichtingsverkeer moeten zijn. Vraag klasgenoten ook naar hun ervaringen.Voorlichting is cruciaal in die gevallen dat er onwenselijke interactiepatronen ontstaan, zoals: ‘betutteling’; overbescherming; aandacht krijgen voor negatief gedrag; uitdagen en misbruik maken door klasgenoten (het kind ‘gek’ laten doen)’. Klasgenoten moeten dan duidelijke richtlijnen krijgen voor hun gedrag en uitleg daarbij waarom deze richtlijnen gelden. En leerkrachten moeten dan natuurlijk ook zelf het goede voorbeeld geven.

Ook als er geen uitgesproken sociale problemen spelen kan een klasse-gesprek over de omgang met het kind met Downsyndroom zinvol zijn. Er kan dan worden ingegaan op: hoe klasgenoten rekening kunnen houden met het kind met Downsyndroom (met name met diens spraak-taalbelemmeringen); hoe zij op adequate wijze het kind kunnen helpen; en hoe zij het kind in hun interacties kunnen betrekken.

Het is mogelijk om een klasse-gesprek over de omgang met het kind met Downsyndroom te doen waar het kind met Downsyndroom zelf bij aanwezig is. Echter, met name wanneer het gaat om een situatie waarin onwenselijke interactiepatronen zijn ontstaan, kunnen er ook goede redenen zijn om een klassegesprek te houden in afwezigheid van het kind: het kan belangrijk zijn dat klasgenoten het gevoel hebben vrijuit te kunnen spreken; en het is mogelijk dat het gesprek te veel over het hoofd heen zou gaan van het betreffende kind zelf.

Kader een gesprek over de omgang met het kind met Downsyndroom eventueel in in meer algemene gesprekken, bijvoorbeeld over het gegeven dat alle kinderen van elkaar verschillen of over de onderlinge omgang in de klas in zijn algemeenheid. Dit maakt het kind met Downsyndroom niet meer dan nodig speciaal én dergelijke algemene gesprekken over sociale thema’s kunnen een goede invloed hebben op het sociale klimaat in de klas. Een dergelijke benadering past wellicht ook beter bij de oriëntatie van klasse-leerkrachten op de begeleiding van de groep als geheel.

Maak gebruik van peer-tutoring (maatjes voor schoolvakken en eventueel ook voor spelen op het plein) en van coöperatief leren (gemeenschappelijke projecten door een groepje). Dat zijn goede manieren om elkaar beter te leren kennen.

Zorg voor een goed algemeen sociaal klimaat in de klas.

Help het kind met Downsyndroom een positief zelfbeeld te ontwikkelen. Als iemand een positief zelfbeeld heeft, dan gaan de contacten met anderen veel beter.


Meer lezen over bevorderen van sociale integratie op school
  • Download de brochure Leren Samen Leven met veel tips hoe de sociale integratie van leerlingen met Downsyndroom te ondersteunen.
  • Een uitgebreid verslag van een onderzoek naar de manieren waarop ouders en leerkrachten in de praktijk de sociale integratie van kinderen in het gewoon basisonderwijs bevorderen is Een Wereld van Verschil, downloadbaar of te bestellen via de webshop.

Reacties plaatsen niet mogelijk