SDS Lokaal

Bezig met laden van kaart...

Bezig met laden

Nieuwsbrief

* Emailadres

* Relatienummer

* Postcode

* Huisnr

Lijst
 SDS info (voor donateurs) SDS persberichten

Fotoalbum

Reële verwachtingen ten aanzien van een kind met Downsyndroom

De beste manier om te bepalen wat reële verwachtingen zijn voor een bepaald kind is het vaststellen van de concrete vaardigheden die het kind op dat moment beheerst op verschillende gebieden. Wat kan het zeggen? Wat kan het motorisch? Wat kan het qua zelfredzaamheid? Wat kan het op het gebied van lezen/ schrijven/ rekenen? Enzovoort. Maak deze punten zo concreet mogelijk. 

Bij jonge kinderen kan daarbij gebruik worden gemaakt van een Early Intervention programma (vroeghulp-programma) als ‘Kleine Stapjes’. Bij oudere kinderen raden wij aan om in eerste instantie uit te gaan van de punten uit het leerling-volgsysteem dat de school waarschijnlijk ook bij andere leerlingen gebruikt.

Vervolgens bepaal je op grond van zo’n vorderingenoverzicht wat de volgende stap zou kunnen zijn in de ontwikkeling en daaraan ga je systematisch werken. Na een aantal maanden evalueer je steeds. Waar zit het kind nu? Waar is wel en waar is geen vooruitgang bereikt? Aan welke punten is in de praktijk systematisch gewerkt en welke zijn we eigenlijk ‘vergeten’? Zo krijg je al werkende weg een reëel beeld van de ontwikkelingsmogelijkheden van het kind. Dat geeft een adequater beeld (en meer direct bruikbare informatie) dan een IQ-test (zie psychologische tests)

Overigens kunnen de meeste kinderen met Downsyndroom, met gerichte oefening en veel herhaling, redelijk goed (en soms ook heel goed) leren lezen en schrijven. Ze hebben hier meestal wel meer tijd voor nodig dan andere kinderen (maar soms komt het voor dat kinderen in min of meer hetzelfde tempo als andere klasgenoten lezen leren). De rekenvaardigheden blijven vaak meer beperkt, hoewel daar met systematische training ook wel weer uitzonderingen op zijn.

Wat betreft de latere schooljaren: hoewel er kinderen met Downsyndroom zijn die, met extra instructie, min of meer mee kunnen komen met de schoolstof, zul je in zijn algemeenheid in toenemende mate de gewone schoolstof moeten aanpassen. Op sommige gebieden zul je moeten besluiten het kind een volledig eigen programma te laten volgen (met name bij rekenen is dat vaak het geval), op andere gebieden kun je soms wel enige inhoudelijke aansluiting behouden door aanpassingen te doen in het verwerkingsmateriaal (minder stof; alleen de belangrijkste punten uit de stof én die heel expliciet maken; in de één-op-één steunles of thuis bepaalde onderwerpen voorbereiden met het kind). Het is maatwerk per kind.

Reacties plaatsen niet mogelijk