SDS Lokaal

Bezig met laden van kaart...

Bezig met laden

Nieuwsbrief

* Emailadres

* Relatienummer

* Postcode

* Huisnr

Lijst
 SDS info (voor donateurs) SDS persberichten

Fotoalbum

Aanmelding regulier Voortgezet Onderwijs

Wanneer je als ouders overweegt om de reguliere schoolloopbaan van je kind ook te continueren in het voortgezet onderwijs, dan zul je je zeer ruim van te voren, zegge twee jaar, moeten gaan oriënteren en verkennende gesprekken met scholen gaan voeren.
In het voortgezet onderwijs is integratie van leerlingen met Downsyndroom nog veel minder vanzelfsprekend dan in het basisonderwijs. Dat heeft met de organisatie van het voortgezet onderwijs te maken. Waar op de basisschool in principe alle leerlingen samen naar school gaan, worden leerlingen in het voortgezet onderwijs verdeeld over verschillende soorten scholen, al naar gelang hun leermogelijkheden. Zo’n school leidt op tot een bepaald diploma met bepaalde eisen. Daarop zijn de leerlingen van te voren geselecteerd. Hoewel een enkeling met Downsyndroom een VMBO-diploma heeft gehaald, of zelfs een MBO-diploma, zal zo’n diploma voor de meeste leerlingen met Downsyndroom niet haalbaar zijn. Een VMBO-school zal dus een draai in het denken moeten maken. Een leerling met Downsyndroom kan heel veel leren op de VMBO-school, ook al haalt hij of zij waarschijnlijk geen diploma of wellicht alleen enkele deelcertificaten. De school kan het kind ontwikkeling bieden én vervolgens via stages voorbereiden op de overgang naar werk. In de verkennende gesprekken met scholen zul je erachter moeten komen of men bereid is het diploma-denken los te laten om vanuit deze visie te gaan kijken.

Hier willen wij nog opmerken dat er soms wordt gedacht dat leerlingen met Downsyndroom geen belangstelling zouden hebben voor het brede aanbod van meer theoretische vakken, zoals dit wordt aangeboden in vooral de eerste twee jaren van het VMBO. Zij zouden meer gebaat zijn bij praktijkvakken. Wij willen hier benadrukken dat deze redenering voor een heleboel leerlingen met Downsyndroom niet opgaat. Wij hebben inmiddels ervaring met leerlingen met Downsyndroom die interesse hebben in een brede vorming en bijvoorbeeld juist graag geschiedenis, biologie en Engels leren. Ook hebben sommige leerlingen met Downsyndroom, met name in verband met een zwakke motoriek, juist meer aanleg voor die theoretische vakken dan voor de praktijkvakken. Leerlingen met Downsyndroom zijn niet allemaal hetzelfde. Het is belangrijk naar het individu te kijken en te luisteren.

In de huidige situatie starten er zo’n 150 leerlingen met Downsyndroom per jaar op de reguliere basisschool. Tegen groep acht zijn er daarvan nog 60 over én daarvan stromen er hooguit 5 à10 door naar regulier voortgezet onderwijs Dit aantal is wel iets hoger dan vijf jaar geleden, maar bij elkaar zitten er momenteel hooguit 30 leerlingen op een school voor regulier voortgezet onderwijs. Dikwijls zijn dit zogenaamde ‘Groenscholen’ (AOC= Agrarisch Opleidingscentrum), omdat deze vaker kleinschalige locaties hebben. Terzijde zij hier opgemerkt dat dit scholen zijn die vallen onder het Ministerie van LNV en niet onder OCW. ‘Groenscholen’ hebben vanouds planten- en dierverzorging als specialiteit. Verkijkt u zich daar echter niet op. Een AOC is inmiddels ook een gewone brede VMBO-opleiding. Veel van de leerlingen gaan na de school in andere sectoren werken en lopen tijdens de school ook stages in andere sectoren. Uw kind hoeft dus niet per se bijzonder geïnteresseerd te zijn in planten en dieren. Naast de ‘Groenscholen’ zijn er ook ‘gewone’ VMBO-scholen met een leerling met Downsyndroom. Verder gaat een enkele leerling met Downsyndroom naar een Praktijkschool (strikt genomen speciaal onderwijs).

Bij een aanmelding in het regulier voortgezet onderwijs helpt het zeer als je er als ouders niet alleen voorstaat, maar in je keuze voor regulier vervolgonderwijs wordt gesteund door de leerkrachten en begeleiders op de reguliere basisschool en/of door de ambulant begeleider. Dat verhoogt je geloofwaardigheid. Verder is het aan te raden om te zorgen voor een ‘boek vol zilverwerk’, dat wil zeggen verslagen van de school waaruit blijkt wat je kind kan én werkstukken en schoolwerk van je kind. Maak in overleg met de basisschool eventueel ook een kort stukje video waarin te zien is hoe het kind gewoon meedraait op de basisschool. Zorg ook voor algemene informatie over integratie in het regulier voortgezet onderwijs en informatie over financiële regelingen – zie de volgende paragrafen.
Als je je hebt georiënteerd, meld je kind dan ook schriftelijk aan op de school van je keuze. Soms gaan scholen pas serieus de mogelijkheden onderzoeken wanneer het kind officieel is aangemeld.

Klik hier om door te gaan naar het informatiepakket voor regulier voortgezet onderwijs.

Klik hier om terug te keren naar de pagina voortgezet onderwijs.

Reacties plaatsen niet mogelijk